Geschiedenis (van toen tot nu)

De periode tot de tweede wereldoorlog.

 

Begin 1900 vestigde zich in ons dorp Aalst een schoenmaker; Roel, de Schoenmaker. Deze man liet in de avonden menig buurtbewoner schrikken door het maken van een nog nooit gehoord lawaai. Een lawaai wat voorkwam uit een trombone. Toch wel een mooi geluid, vonden sommige Aalstenaren. Zijn tonen huppelden over de uiterwaarden en de polders. Zo nu en dan krachtig en kort en dan weer slepend en lang. Zo kwam het dat deze schoenmaker nog meer enthousiastelingen vond en hij besloot tot het oprichten van een heuse muziekvereniging. 

 

Begin november 1904 was het dan zover. Bij Roel thuis vond de eerste vergadering plaats. Een achttiental jonge mannen gaf zich als lid op en Roel schreef hun namen op papier bij het schamele licht van een oude petroleumlamp. Besloten werd dat Roel als directeur (dirigent) zou fungeren. Ook werd in die eerste vergadering reeds een bestuur samengesteld. Het eerste wapenfeit bestond uit een collecte en die vond al in de eerste week na de oprichting van de fanfare plaats. Door de inwoners van Aalst werd er het enorme bedrag van f 180,- bijeengebracht. Van dat geld werden tweedehands instrumenten gekocht en na deze aankoop bleef nog ongeveer f 20,- over voor de kas.

 

Na eerst een paar keer bij Roel thuis gerepeteerd te hebben, begonnen de leden met de bouw van een eigen repetitielokaaltje van wat oude balken en planken. Deze werden ‘geschonken’ door de rivier de Maas. Dankbaar voor dit aangespoelde wrakhout werd bij Roel thuis hiervan een schuurtje gebouwd; het repetitielokaal was geboren. Echter, aangezien wrakhout over het algemeen geen lang leven beschoren is gold deze redenering evenzo voor het repetitielokaal. Dankzij de gemeente mocht de fanfare gebruik maken van een schoollokaal. Bij mooie zomeravonden stonden vele van onze dorpsgenoten op het schoolplein en luisterden geboeid ‘noar d’n muziek’.

 

Het niveau van de muzikanten nam tamelijk snel toe. Te snel althans voor Roel de schoenmaker. Hierop werd besloten om Tjerk Jonkers uit het naburige Veen voor de fanfare plaats te laten nemen als directeur. Het financiële tekort waarmee men in die tijd regelmatig kampte werd wel enigszins verlicht door het salaris van deze Tjerk: een borreltje en de overtocht voor de pont. 

 

Zo naderde 1914. In deze oorlogsperiode moesten enkele leden in militaire dienst om onze landsgrenzen te bewaken. De repetities werden tijdelijk stilgelegd, vanwege de oorlogsdreiging en dus ook vanwege te veel ontbrekende leden.

 

Na deze periode werd ook het verenigingsleven weer opgepakt en kreeg men ook in begin  van de jaren twintig een nieuwe dirigent; dhr. Van Berkel uit Ammerzoden. Onder leiding van deze zeer gerespecteerde dirigent ging de fanfare gouden tijden tegemoet.. De successen volgden elkaar in snel tempo op. 

 

In 1922 werd voor het eerst deel genomen aan een concours, te Leerdam. Jacob Gijbe werd bereid gevonden voor het vervoer zorg te dragen. De instrumenten werden in de kar geladen en diegenen die geen fiets hadden of niet konden fietsen, mochten meerijden. Aangezien men nog geen (mobiele) telefonie kende, had men de beschikking over een duif en twee lintjes: een rood lintje voor de eerste prijs en een wit lintje voor een tweede prijs. Het begin van een succesvolle periode met vele rode lintjes, was aangebroken.

 

Er volgde een concours in Charlois, een klein plaatsje nabij Rotterdam. Hier toog men in een boot naartoe, omdat het te ver fietsen was. Eigenlijk had men beter wel op de fiets kunnen gaan, want op de terugweg viel bij Sliedrecht de motor uit. Men kwam pas ’s ochtends om 08.00 uur weer aan bij de aanlegsteiger, gelegen aan de Rietschoof. In deze periode ging men onder meer op concours in Gouda (1925), Ammerzoden (1926), Maarssen (1928), Bergambacht (1930) en Schoonhoven (1932). Dat dit een succesvolle periode voor de Prins Hendrik was, blijkt uit het feit dat men in deze periode was opgeklommen van de derde afdeling (via de tweede, eerste en ereafdeling) naar de superieure afdeling. 

 

De kroon op deze periode kwam in 1936. De fanfare ging in Vianen op concours, met de ‘waanzinnig’ moeilijke ouverture ”Zampa”, van de componist Harold. Voor het bestijgen van de muziektent  bestond bij de jury enige twijfel of er soms een misverstand in het spel was. Hoe was het immers mogelijk dat een muziekvereniging van louter amateurs, ergens uit de lage, achtergebleven uithoek van de Bommelerwaard een dergelijk nummer ten gehore zou kunnen brengen? Echter, er was geen sprake van een misverstand. Het succes was enorm. De uitvoering in deze superieure afdeling werd beloond met een eerste prijs ‘met lof der jury’. Hoger was eigenlijk niet meer mogelijk. En de duif wiekte weer boven Aalst met het rode lintje!

 

Voor de tweede keer pakten donkere wolken samen boven europa. De explosie vond plaats op 10 mei 1940. Dus ook voor Aalst en zijn muziekvereniging. Vanwege verordeningen van de Duitsers moesten dirigenten aangesloten zijn bij de zogenaamde Kultuurkamer; anders werd het recht ontzegd om op te treden. Er werd dus niet opgetreden! Dirigent en fanfare weigerden om zich aan te sluiten bij de Kultuurkamer. Deze beslissing werd ook nog ondersteund door het feit dat de Duitsers de instrumenten van de vereniging wilden vorderen vanwege het koper. Ieder lid verstopte zijn dierbare instrument als een waar sieraad gedurende de oorlog.

 

De periode na de tweede wereldoorlog

 

Al spoedig na de bevrijding kwamen de instrumenten weer voor de dag en werd er weer gerepeteerd. Toch was het hoge niveau van voor de oorlog niet snel meer te realiseren. Maar deze trend werd na een aantal jaren weer doorbroken toen de eerste prijzen langzaam weer verdiend werden op concoursen. 

 

In 1956 kreeg de fanfare nieuwe uniformen. Deze waren afkomstig van de Luchtmachtkapel. Voordat de fanfare deze aan kon trekken werden ze in Tilburg ‘verbouwd’ en pasklaar gemaakt. Dit is ook te zien op de foto uit 1956 (voor de MULO/ mavo).

Oorspronkelijk hadden de hoeden een zwarte kleur, maar als er gemarcheerd werd, kon er een wit hoesje over de hoed getrokken worden. Zo had de fanfare Prins Hendrik concertkleding voor zowel buiten als binnen.

 

In 1965 ging de fanfare door een diep dal. Door dalend peil in het animo van het eens zo trotse fanfarekorps, zegden verschillende leden de vereniging vaarwel. Dankzij de hulp van de directeuren van de twee scholen in Aalst was er de mogelijkheid om muziekles te geven tijdens de gewone schooldagen. Dit heeft geresulteerd in een nieuwe lichting jonge, talentvolle muzikanten, welke wij nu nog steeds iedere dinsdag op de repetitieavond mogen begroeten. 

 

In 1967 had de vereniging een dirigentenwissel. Na 47(!) jaar hield Van Berkel het voor gezien. Van Berkel werd gekenmerkt door een groot enthousiasme voor de muziek in verenigingsverband en door het belang wat hij hechtte aan eensgezindheid binnen de fanfare. Menig geschil werd door hem opgelost met het gezegde: 

“Waar woorden het niet meer kunnen zeggen, begint de muziek”.

 

Het was moeilijk om een opvolger te vinden. Aan de toenmalige dirigent van zangvereniging TOGIDO werd gevraagd om de dirigeerstok over te nemen. Hij wilde dit doen, maar slechts om ons te helpen tot er een andere dirigent gevonden was. Deze werd in het jaar 1972 gevonden in de persoon van dhr. Van De Berg uit Utrecht. 

 

Na dhr. van Berkel kwam Peter Lammers in 1978 de dirigeerstok hanteren. Onder zijn kundige leiding werd de fanfare een ere-afdelingorkest. Hij heeft onze vereniging ongeveer 11 jaar geleid. In 1988 is Bert Langeler als dirigent aangesteld. Wij kunnen gerust stellen dat dat onder een zeer bezielende leiding ging. Bert heeft een grote invloed gehad op de ontwikkeling van onze fanfare, maar ook op vele andere orkesten in de Bommelerwaard. Zo heeft Bert het jeugdmuziekkamp mee opgericht, de jeugdmuziekdag, het ZNJFO (Zuid Nederlands Jeugd Fanfare Orkest) en zo zijn er nog vele concerten en initiatieven te noemen waar Bert zich mee heeft ‘bemoeid’. Zo is onder zijn leiding de fanfare in 1991 gepromoveerd naar de vaandelafdeling (de hoogste afdeling voor de amateur-blaasmuziek). Het hoogtepunt was op 16 maart 1996, nadat wij een uitnodiging ontvangen hadden om deel te nemen aan het topconcours, in deze zelfde afdeling, in Arnhem, in het muziekgebouw Musis Sacrum. Op dit concours behaalde de fanfare Prins Hendrik een gedeelde derde plaats met het werk Der Dämon. Met een puntentotaal van 326,5. In 1997 werd de fanfare winnaar van de Bommelerwaardcup.

 

De fanfare heeft ook verschillende uitwisselingsconcerten gehad met orkesten uit o.a. Zwitserland en Duitsland.

 

Op onze 95-jarig jubileum in 1998 hebben we een gala concert georganiseerd voor de inwoners van Aalst en daarbuiten met medewerking van Ernst Daniël Smit en Caren Camilleri uit Malta. Dit voor de 95 jaar trouwe steun die onze vereniging van de inwoners uit Aalst heeft ontvange

 

In 2004 is Floris van der Kooij aangesteld als dirigent. Een jonge dirigent die een frisse wind door de vereniging liet waaien. In dit jaar vierden we ook ons 100-jarig jubileum. In maart was er het eerste grootse concert van dat jaar, samen met het Nationaal Jeugd Fanfare Orkest o.l.v. Danny Oosterman. Tijdens dit concert was tevens de wereldpremière van het speciaal voor dit 100-jarig jubileum gecomponeerde werk `Between the Two Rivers` van de beroemde Engelse componist Philip Sparke. Dit werk is opgedragen aan onze vereniging. In dit werk wordt muzikaal uiting gegeven aan het religieuze karakter van de Bommelerwaard, wat ook nog eens tussen de rivieren ligt en omringd wordt door dijken die als een burcht het water tegen houden om het land daartussen te beschermen. Om deze redenen heeft de componist gekozen voor verschillende variaties op het thema `Ein Feste Burg` van J.S. Bach.

Het jubileum jaar werd vervolgd met het “ Aalst-op-zijn-muzikAalst”; een concert waarbij amateurzangers uit Aalst en omgeving samen met de fanfare optreden met bekende (inter)nationale hits.  In het najaar werd afgesloten met een groots jubileumconcert in samenwerking met Margriet Eshuijs en het Bommels Pop- en Rockkoor.

 

Na onze prestatie op het concours in Enschede in 2005 (1e prijs met promotie naar 1e divisie) werden we wederom uitgenodigd voor het topconcours in Arnhem op 18 maart 2006. We kwamen uit in de 2e divisie en haalden 85,83 punten wat goed was voor een 1e prijs (en de 2e prijs in onze divisie). In 2007 en 2009 hebben we de Rabo-Muziekcup Bommelerwaard gewonnen, in 2011 kwamen we met 90 punten net een halve punt tekort voor de winst.

Dit zijn resultaten waar we met z’n allen zeer trots op zijn.

 

Op 11 januari 2011 tot april 2014 heeft Anton Weeren ons jeugdorkest en onze fanfare onder zijn hoede genomen.

 

2014 was een speciaal jaar voor ons, de fanfare bestond toen namelijk 110 jaar, een leeftijd om trots op te zijn! Er zijn diverse speciale concerten georganiseerd om dit te vieren. Tijdens het eerste jubileumconcert, o.l.v. Anton Weeren, met als thema "Aalst door de eeuwen heen"  zijn we op luchtige en humoristische wijze op een muzikale reis gegaan. Van het ontstaan van het dorp, via het kasteel van Aalst kijken we naar de opkomst van de steenfabrieken, de smederij, de cafe´s en het boerenleven, maar ook stonden we stil bij de oorlog en de bevrijding. Onderweg stopten we bij andere Aalsterse verenigingen om te eindigen in 2014. Met een 'wereldpremière' van "ik ben aan de maas geboren" en een unieke samenwerking met Ardin van Veen, Togido, Roda Boys en Halosta! De muziek werd ondersteund door historisch foto- en beeldmateriaal van het regionale streekarchief van ‘De Vier Heerlijckheden’.

Het tweede speciale concert, o.l.v. Waldo van Wijk, was een circusconcert, de sporthal was omgetoverd tot een echt circus met echte circusartiesten. Het afsluitende jubileum concert, o.l.v. Vincent Verhage, was een waar feest in samenwerking met de band "Pater Moeskroen".

 

Van september 2014 tot februari 2016 was Vincent Verhage onze dirigent.

Waldo van Wijk was onze dirigent van maart tot augustus 2016.

Vanaf 30 augustus 2016 is Wolbert Baars onze dirigent.